Navigation Path: Home > The European Central Bank > Uitbreiding van de EU
Tien nieuwe landen – Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slowakije, Slovenië en Tsjechië - zijn op 1 mei 2004 tot de EU toegetreden. Twee jaar en acht maanden later, op 1 januari 2007, verwelkomde de EU Bulgarije en Roemenië.
De nieuwe landen mogen de euro alleen invoeren als zij voldoen aan bepaalde economische criteria, te weten een hoge mate van prijsstabiliteit, een gezonde begrotingspositie, stabiele wisselkoersen en een geconvergeerde lange rente. De huidige lidstaten van het eurogebied moesten aan dezelfde criteria voldoen.
De Europese Centrale Bank draagt bij aan de besluitvorming ten aanzien van toekomstige leden van het eurogebied door het opstellen van convergentieverslagen, waarin zij analyseert of de betrokken landen voldoen aan de voor invoering van de euro noodzakelijke voorwaarden.
De Presidenten van de centrale banken van de nieuwe EU-landen zijn nu lid van de Algemene Raad van de ECB, maar tot het moment dat zij de euro invoeren zullen zij geen lid zijn van het hoogste besluitvormende orgaan, de Raad van Bestuur. Deskundigen van de centrale banken van de lidstaten zijn eveneens lid van de Comités van het ESCB.